Al een tijdje werk ik freelance met een VO-school en geef ik een keer in de week les over “webwijsheid” in het kader van hun nieuwe media profiel. Tijdens mijn Master Mediapedagogiek werkte ik al met de school samen aan deze lessen. Er wordt veel geroepen over het onderwijs, ook in de blogosfeer. Voor de verandering nam ik daarom de kans aan om in de huid van de docent te kruipen. Dit voornamelijk om beter begrip te krijgen voor de praktijk en waar docenten nou tegenaan lopen. Dat was voor mij namelijk wat lastiger in te schatten toen we de eerste opzet voor de lessen maakten.
In de eerste instantie is de lessenreeks bedoeld voor betere begripsvorming over informatie op het internet en social software, hoe je het op waarde en betrouwbaarheid kan schatten en hoe je er mee kan participeren. Als opstap naar andere deelgebieden van webwijsheid zoals privacy, digitale identiteit, gaming, mediaboodschappen op het internet en meer. Het gebruik van enkele web 2.0 toepassingen had ik opgenomen, aan de hand van mijn bachelor-thesis “Leren met de www-factor“. Echter nu we halverwege de reeks zijn, lijkt het toch een andere kant op te gaan. Dat is geen ramp, want daar leren wij ook van (Learning by doing), maar toch vraag ik me af waarom.
Vanaf 2007 wordt vrijwel elkaar jaar een nieuwe versie van de serie “Did You Know” gemaakt, een serie over ontwikkelingen in een snel veranderde wereld. Een tijdje geleden kwam versie 4.0 van het jaar 2009 uit. Deze versie behandelde vooral de veranderingen in de media. Wat betekent dit voor mediawijsheid?
Een tijdje terug las ik op de blog John van Dongen een blogpost tegen met bovenstaande video en waarin hij een stuk van een docente uit de Gelderlander citeerde. De docente pleitte daarin voor de mogelijkheden van het (beter) inzetten van multimedia en internet. Daarbij pleitte zo ook voor het doceren van nieuwe media aan de docenten, omdat ze nauwelijks op de hoogte zijn van de vele mogelijkheden van het internet en de relatie met mediawijsheid. Het stuk kwam me heel bekend voor, toen ik het artikel van de Gelderlander las. Even later drong het tot me door. Ik had zeker een maand eerder al contact met de docente, Ellen Tapia-Quilodrán, die mij toen mailde met de vraag of ze voor haar opiniestuk voor haar afstuderen, mocht citeren en verwijzen naar mijn blog en beachelor thesis “Leren met de www-factor“. De wereld blijkt soms klein te zijn en kom je uiteindelijk iets tegen wat beïnvloed is door iets wat jezelf eerder hebt gedeeld. De kracht van sociale media. Ellen Tapia-Quilodrán maakt in haar artikel een aantal scherpe punten over de huidige mediaeducatie-initiatieven. Op enkele punten wil ik dan ook even ingaan. Namelijk het gebruik van multimedia in het onderwijs en de plaats van web 2.0 in mediaeducatie. Ik citeer haar:
Hyves. LinkedIn, MSN, SMS, Flicker, MySpace, Google, Wikipedia, YouTube, mobiele telefoons, …. Ik vergeet er vast en zeker nog zoveel meer voorbeelden van middellen en toepassingen die de hedendaagse scholieren en studenten (in onze westerse landen) als vanzelfsprekend en als de normaalste zaak van de wereld vinden. Ze maken deel uit van hun dagelijks leven. Alhoewel… is dat wel helemaal waar? Een groot gedeelte van hun dagelijks leven bestaat uit de tijd die ze doorbrengen op of voor school. En laat dit de context en omgeving zijn waar al deze middelen niet in voorkomen of juist uit geweerd worden. Het dagelijks leven van de leerlingen ziet er heel anders uit dan wat hun op school wordt geleerd en aangeboden.
In het volgend filmpje zijn de scholieren en studenten zelf aan het woord. Een boodschap samen gesteld door 200 studenten. Een vergelijking van hun tijd binnen en buiten schooltijd. Een vergelijking met hun analoge en digitale wereld. Een overzicht van hun dagelijks leven. Een visie van hedendaagse studenten. Wat doen we fout?