Informatievaardigheden en webwijsheid

Geschreven op: December 10th, 2009 | door: Jeroen | in: Zonder rubriek, media en technologie, mediapedagogiek, mediawijsheid, onderwijs, persoonlijk, sociologie en filosofie | Tags: , , , , , , , , , | 2 reacties »

loepAl een tijdje werk ik freelance met een VO-school en geef ik een keer in de week les over “webwijsheid” in het kader van hun nieuwe media profiel. Tijdens mijn Master Mediapedagogiek werkte ik al met de school samen aan deze lessen. Er wordt veel geroepen over het onderwijs, ook in de blogosfeer. Voor de verandering nam ik daarom de kans aan om in de huid van de docent te kruipen. Dit voornamelijk om beter begrip te krijgen voor de praktijk en waar docenten nou tegenaan lopen. Dat was voor mij namelijk wat lastiger in te schatten toen we de eerste opzet voor de lessen maakten.

In de eerste instantie is de lessenreeks bedoeld voor betere begripsvorming over informatie op het internet en social software, hoe je het op waarde en betrouwbaarheid kan schatten en hoe je er mee kan participeren. Als opstap naar andere deelgebieden van webwijsheid zoals privacy, digitale identiteit, gaming, mediaboodschappen op het internet en meer. Het gebruik van enkele web 2.0 toepassingen had ik opgenomen, aan de hand van mijn bachelor-thesis “Leren met de www-factor“. Echter nu we halverwege de reeks zijn, lijkt het toch een andere kant op te gaan. Dat is geen ramp, want daar leren wij ook van (Learning by doing), maar toch vraag ik me af waarom.

De 5 reflectievragen
Dit komt vooral vanwege het feit dat ik toch een aantal zaken wat anders had ingeschat. Het eerste daarvan zijn de leerlingen zelf. In het voorgaande jaar in de brugklas (ze zitten nu in klas 2 havo/vwo) hebben ze 5 reflectievragen geleerd over mediageletterdheid, namelijk: “Wie heeft het gemaakt?“, “Waarom is het gemaakt?“, “Wat is de boodschap?” , “Hoe is het gemaakt en met welke technieken?“en “Voor wie is het gemaakt?” (doelgroep) (project Mediageletterdheid, SLO). Ik ging er stiekem van uit dat ze in dit volgend schooljaar deze 5 vragen die ze weten op te noemen ook mee kunnen nemen naar het terrein van het internet. Niets is minder waar dus en het blijkt juist het doel van de lessenreeks te worden om deze koppeling te maken. Wanneer ze informatie zoeken op internet lijken ze over het algmeen de 5 vragen te zijn vergeten en zien we het bekende scenario uit de literatuur; “Het is toch zo, want het staat toch op deze site?“. Dit betekent toch dat we een stap terug moeten doen om de 5 reflectievragen ook op het internet te behandelen en niet alleen bij audiovisuele beelden.

Houding en gedrag
Daarnaast merken we dat vooral de houding en het gedrag om aandacht vraagt. Vaardigheden op het internet doen ze snel op of hebben ze al in grote mate. Je kan wel wat nieuws vertellen wat de leerlingen niet weten, maar er zijn echt geen 8 lessen nodig om uit te leggen hoe een zoekmachine werkt. Dat was ook niet de bedoeling, maar we merken dat het vooral om de houding en de daarbij horende gedrag gaat. Heb je die wat bewuster kunnen maken, dan kun je dieper ingaan op de technische vaardigheden.

“Maar meneer, dat weten we toch al?”
Daarnaast een aantal punten die Kennisnet ook al aanmerkt in hun brochure (PDF). De voornaamste is het feit dat leerlingen denken dat ze alles al weten over het internet. “Maar meneer, dat weten we toch al?” werd me ooit eens gevraagd door een van de leerlingen. Dat maakt het didactisch proces lastiger omdat er toch minder snel iets van je wordt aangenomen.
Een ander punt is de versnippering van de tijd en aandacht door het rooster. Per les kan je een enkele opdracht doen of dingen behandelen. Dit maakt het lastig om alle leerlingen voldoende aandacht te geven om ze aan te sporen niet snel tevreden te zijn met wat ze vinden en om duidelijk te maken waarom.

Onverschilligheid in de media
Daarbij blijft het idee van informatievaardigheden erg abstract voor de leerlingen. Het sluit nog niet goed aan bij de beleving van een 13-14 jarige, ook al richten we ons op een beginnersniveau en op bewustwording waar je naar kijkt. De meeste leerlingen staan er toch wat onverschillig over in. Dit is tevens ook een valkuil voor volwassenen. Ben je ergens niet in geïnteresseerd, dan ben je makkelijker te beïnvloeden via de media, omdat je er toch niet diep in gaat onderzoeken. Sommige leerlingen zijn goed bezig. Sommige interesseert het ook weinig. Voor mij nu dus de vraag hoe je deze laatste leerlingen nou beter kan bereiken. Zelfs bij volwassenen is het al erg lastig, laat staan bij pubers die hun cognitie nog vol in ontwikkeling hebben.

Ontwikkeling in cognitief vermogen
En daarmee het laatste punt. We doen met de lessen een groot beroep op hun cognitief vermogen. Uit de literatuur en onderzoek zoals “Het puberend brein” van Eveline Crone weten we dat het deel van de hersenen die dit voornamelijk voor hun rekenen nemen in deze leeftijd nog vol in ontwikkeling is. Een goede reden om ze daarom te stimuleren op dat gebied, maar je kan daarom ook moeilijk dat gene verwachten van leerlingen in deze leeftijd wat voor volwassenen vanzelfsprekend lijkt te zijn. Misschien daar toch een inschattingsfout mee gemaakt? Is dat de reden waarom het bij audiovisueel materiaal toch makkelijk lijkt te kunnen, omdat hun creativiteit daarbij meer komt kijken, vooral bij het produceren van audiovisueel materiaal?

Filosofie
filosofie4Zou je denken. Toch zette een andere 14-15 jarige leerling mij aan het denken, de avond na de grote ROC-West Brabant dag van de Waag. (#ROCWB09 op Twitter) De dochter van mijn logeeradres volgt filosofie op school en het viel ook wel op waarom. Een gesprek van ruim 2 uur met constant doorvragen tot de vraag of onze werkelijkheid wel realiteit is en waarom, deed me even doen vergeten met wie ik nou eigenlijk in gesprek was. Fascinerend, waarom heeft zij juist de onderzoekende houding die we graag willen zien op de betreffende VO-school? Is het om haar aard en persoonlijkheid? Komt het door de filosofielessen? Moeilijk om het werkelijk ze zeggen. Ik zou wel een voorstander zijn om filosofie standaard als vak op te nemen in het onderwijs, aangezien het kritisch vermogen en creativiteit daarmee gestimuleerd mee zullen worden. Twee vaardigheden die erg belangrijk zijn voor mediawijsheid (ook volgens David Buckingham). Ik heb in ieder geval die avond een leerling kunnen uitleggen waarom ze het vak wiskunde op school heeft (wat ze maar “een stom vak” vindt) en het kunnen verbinden met een vak die ze erg interessant vind, namelijk filosofie. Nu nog de kunst om iets vergelijkbaars voor elkaar te krijgen met 27 verschillende leerlingen op het gebied van media. Als iemand nog interessante bronnen, tips, mensen, zaken hier over weet, laat het me maar gerust weten. Ik weet dat ik niet de enige ben die op dit gebied bezig is. Een aantal koffieafspraken staan dan ook nog op de agenda. Op dit moment duik ik even weer in het materiaal. Hopelijk kunnen we de komende lessen het vanuit de creatieve kant benaderen.

Hoe dan ook is alles ons een leerzame ervaring. Zowel voor mij als voor de betreffende VO-school. Wel jammer dat ik deze ervaring niet had kunnen opdoen nog tijdens mijn studie. Desondanks hoop ik dat het een opstapje kan vormen om ook online media verder te integreren in hun profiel nieuwe media. In ieder geval staan er al wat leuke dingen op de agenda, zoals het ontwikkelen van een heuse viral als promofilmpje voor de school.

Credits:
Afbeelding 1: Wiki Webwijsheid Kennisnet
Afbeelding 2: Onbekend :(

Stem of voeg toe aanUitleg over het gebruik van deze icons :  Plaatsen/stemmen op NUjij Plaatsen/stemmen op eKudos Plaatsen/stemmen op MSN Reporter Plaatsen/stemmen op Digg Toevoegen aan Symbaloo Stumble it! Voeg dit artikel toe aan Del.icio.us Voeg toe aan je Google bladwijzers Abonneer je op de RSS-feed van deze site

2 Comments op “Informatievaardigheden en webwijsheid”

  1. Sanne zei om 12:58 op December 11th, 2009:

    Laat ze een game maken met gamemaker (Pauline Maas, 4pip) en bevraag ze wat ze er van zouden vinden als dit van ze ‘gestolen’ werd.
    Of, plaats een (fake) krantenartikel op het net over de betreffende klas met een schokkende (maar plausibele) leugen.
    Voldoende discussie mogelijk lijkt me.
    Koppel het aan iets uit hun belevingswereld. Maar dat is vast niets nieuws.

    Ik wens je veel succes!
    Ik hoop hier te lezen wat je geprobeerd hebt en of het werkte voor je.

    Sanne

  2. Jeroen zei om 13:20 op December 11th, 2009:

    Hoi Sanne, bedankt voor je reactie.

    Je gegeven voorbeelden zijn erg mooi voor een vervolg, zoals het maken van een game. Dat staat ook zeker nog op de agenda.

    We hebben echter wel te maken met een doorlopende leerlijn en het vak waar mijn/onze lessen ondervallen heet “mediageletterdheid” en is meer theoretisch van aard. De andere vakken zijn meer praktisch en productiegericht.

    Het koppelen aan de belevingswereld is zeker niks nieuws, maar in de praktijk voor mij toch wat lastiger. Gelukkig werk ik daarom ook samen met de docenten. We hebben niet zo veel lessen meer, dus we kunnen niet al te veel meer overhoop gooien. Klassegesprekken en discussies hebben we al gehad over betrouwbaarheid op internet. Zo herkennen de leerlingen rare reclame heel snel op “nepheid”. De crux ligt vooral op het meer “schoolse gebruik” van informatie op internet.

    De leerlingen hebben verteld dat ze wel eens het een en ander hebben geprobeerd op Wikipedia. We hebben dan het idee om met de klas een eigen Wikipedia te maken, waarbij elk duo een eigen onderwerp en pagina krijgen. Dan verwisselen wij de pagina’s van elk groepje voor een peer-assessment of de informatie wel klopt.

    We zullen zien hoe het gaat.


Laat een bericht achter

  • Je naam (noodzakelijk)
  • Je e-mailadres (wordt niet gepubliceerd)
  • Je website